WIND OP ZEE NA 2030

Er is al veel bereikt op het gebied van wind op zee; belangrijke stappen in de energietransitie die we als Nederland nastreven. Tot 2030 zijn de plannen voor wind op zee bekend. Welke resultaten vallen daaruit te verwachten? En wat gebeurt er ná 2030?

Wind op zee in 2030

Alle beoogde windparken op zee zullen in 2030 in totaal 49 terawattuur (TWh) aan elektriciteit produceren en naar het vasteland transporteren. Dat is ongeveer 40 procent van ons huidige elektriciteitsverbruik.

Daarnaast zullen ook windparken op land en zonnepanelen duurzame elektriciteit leveren. Naar verwachting zullen we in 2030 uit zon en wind een hoeveelheid elektriciteit halen die gemiddeld overeenkomt met 70 procent van de elektriciteit die we nu gebruiken. Op dagen dat de zon schijnt en er genoeg wind staat, zal dat meer dan 100 procent zijn.
Het overschot aan elektriciteit kunnen we als land exporteren en/of opslaan. Op dagen dat de zon niet schijnt of er niet genoeg wind staat, zullen we de elektriciteit moeten importeren of uit ons opslag (‘buffers’) moeten halen.

Wind op zee na 2030

Hoe onze energietoekomst er precies uit zal zien, ligt niet vast. Wel is het zeer waarschijnlijk dat ons energiesysteem steeds flexibeler zal worden. Daardoor zal het steeds beter kunnen omgaan met de natuurlijke schommelingen in het aanbod van zon en wind. Zo zorgen we ervoor dat dit aanbod minder grillig wordt (een belangrijk nadeel ten opzichte van onze energie uit fossiele bronnen: die is niet afhankelijk van het weer).

Hoewel er nog niets over vaststaat, is het waarschijnlijk dat er ook na 2030 nieuwe windparken op zee komen. Tot 2050 zullen nog veel fossiele energiebronnen vervangen moeten worden door hernieuwbare. Het tempo waarin er nieuwe windparken op zee bijkomen, en hoeveel vermogen die gezamenlijk zullen hebben, zal mede afhangen van de snelheid waarmee er extra vraag naar windenergie op zee ontstaat.
Hoe groot het totaalvermogen van windparken op zee in 2050 zal zijn, staat dus ook niet vast. Toekomstbeelden – bijvoorbeeld de scenario’s van het Planbureau voor de Leefomgeving – variëren van 12 gigawatt (GW) tot zelfs 60 GW.

Nieuwe windenergiegebieden

De windenergiegebieden op zee die in het Nationaal Waterplan 2016-2021 staan, bieden nog ruimte voor eventuele nieuwe windparken. Daarnaast zal de Rijksoverheid de komende jaren waarschijnlijk nieuwe windenergiegebieden op zee zoeken en aanwijzen. Over de precieze locaties van nieuwe windenergiegebieden op zee moeten in de komende jaren afspraken komen, in afstemming met andere belanghebbenden. Naar verwachting zullen eind 2021 nieuwe windenergiegebieden zijn aangewezen in de opvolger van het Nationaal Waterplan 2016-2021. De voorbereidingen hiervoor vinden plaats in een Programma Noordzee, dat in het najaar van 2019 is gestart.

Wind op zee voor elektrificatie

Het grootste deel van onze energie komt nog uit fossiele brandstoffen. Doel is om die fossiele brandstoffen zoveel mogelijk te vervangen door schone energie. Bijvoorbeeld met elektriciteit uit hernieuwbare bronnen zoals wind en zon. We zullen naar verwachting steeds vaker elektriciteit gebruiken voor dingen die we tot nog toe met energie uit fossiele brand- en grondstoffen doen. Van het verwarmen van gebouwen tot het aandrijven van apparaten voor industrie en vervoer, zoals auto’s, schepen en vliegtuigen. Een bekend voorbeeld van deze ‘elektrificatie’ zijn elektrische auto’s die benzine- en dieselauto’s zullen vervangen.


Wind op zee voor groene waterstof
We kunnen een deel van de fossiele brandstoffen ook vervangen door waterstof. Dat zal naar verwachting eveneens vaker gaan gebeuren; er ligt een ‘waterstofeconomie’ aan de horizon. Om die waterstofeconomie echt te krijgen, moet de vraag naar waterstof wel groeien. En of dit gebeurt, is onder andere afhankelijk van het klimaatbeleid voor de industrie en mobiliteit.
Waterstof is te maken met elektrolyse. Als we daarvoor duurzame elektriciteit – bijvoorbeeld van windparken op zee – gebruiken, is er sprake van ‘groene waterstof’. Deze groene waterstof kan dienen als brandstof voor  bijvoorbeeld  auto’s of als vervanger van aardgas bij de verwarming van gebouwen. Maar groene waterstof is ook bruikbaar om ándere ‘groene moleculen’ mee te maken. Denk aan ammoniak voor kunstmest. Of aan koolwaterstoffen die verder te verwerken zijn tot specifieke brandstoffen, grondstoffen of producten.
De Rijksoverheid blijft de ontwikkelingen rondom waterstof op de voet volgen. Bij een eventuele verdere doorgroei van windenergie op zee na 2030 zal ze  rekening houden met waterstof.
Na 2030 zullen windparken misschien op nog grotere afstand van de kust komen te staan. Ook zullen de technieken voor elektrolyse op zee wellicht verder ontwikkeld zijn en de transportvoordelen in gasvorm boven elektriciteit groter. Als dit alles inderdaad zo is, dan zal de optie om windenergie op zee in waterstof om te zetten (en als zodanig te transporteren) kansrijker zijn.

Waterstof importeren?
Als de vraag naar directe elektriciteit en de vraag naar ‘groene waterstof’ inderdaad toenemen, dan zullen er meer windparken op zee bijkomen. Wel kan het zijn dat de Rijksoverheid uiteindelijk een (strategische) keus maakt die de aanleg van extra windparken mínder noodzakelijk maakt. Zij kan besluiten om de productie van waterstof buiten Nederland te laten plaatsvinden. Het is denkbaar dat bijvoorbeeld landen rondom de Middellandse Zee groene waterstof tegen lagere kosten kunnen maken, met behulp van grootschalige zonne-energie. Deze waterstof zouden we dan via schepen of pijpleidingen kunnen importeren.

Waterstoftransport in plaats van een net op zee?

Op dit moment gaat energie in de vorm van elektriciteit van windparken op zee naar land. Daar kan het in industriegebieden aan de kust omgezet worden in waterstof, die vervolgens in die gebieden wordt toegepast. Maar waterstof zou ook een ‘energiedrager’ kunnen zijn. Dit kan om diverse redenen interessant zijn:

  • Transport en opslag zijn eenvoudiger. Een gasvormige energiedager als waterstof is eenvoudiger (en vaak goedkoper) te transporteren en op te slaan dan elektriciteit.
  • Er zijn al pijpleidingen voor. Op de Nederlandse Noordzeebodem liggen gasleidingen. Die dienen of dienden voor het vervoer van op zee gewonnen gas naar het vasteland. Als  ze die rol niet meer hebben, is in sommige gevallen hergebruik mogelijk voor het transport van waterstof naar land.

Conversion platform

Flexibeler energiesysteem

Naarmate er meer windparken op zee bijkomen, groeit het aanbod van windenergie. Daarmee neemt ook de grilligheid van dit aanbod toe, want het kan soms stevig en soms minder stevig waaien. Om die grilligheid tegen te gaan is een flexibel energiesysteem nodig. Energieopslag en interconnectie zijn belangrijke elementen van zo’n flexibel systeem.
‘Interconnectie’ staat voor de verbindingen tussen landen die de energiesystemen van die landen, en daarmee ook de energiemarkten, met elkaar verbinden. Op dit moment heeft het Nederlandse hoogspanningsnet verbindingen met Duitsland, België, het Verenigd Koninkrijk (via de BritNed-kabel), Noorwegen (via de NorNed-kabel) en Denemarken (via de Cobra-kabel).

Tijdlijn

Hoogspanningsnet op land met grensoverschrijdende verbindingen

Onderlinge verbinding windparken
Al enige tijd denken deskundigen en beleidsmakers na over het (op termijn) onderling verbinden van windparken op de Noordzee. Een dergelijk internationaal netwerk op zee kan extra kostenbesparingen met zich meebrengen. Het vereist dan wel een verregaande afstemming tussen landen en partijen.
Een consortium van TenneT, Gasunie, het Rotterdams Havenbedrijf en het Deense Energinet heeft voor die verbinding een concept ontwikkeld: de North Sea Wind Power Hub  (NSWPH). Dit is een energie-eiland of platform, aangelegd in de Noordzee ten behoeve van een duurzaam Europees elektriciteitssysteem.
Op de NSWPH worden verafgelegen grootschalige windparken verbonden. De hub zorgt ervoor dat de windenergie via directe verbindingen naar deelnemende landen gaat (op dit moment Nederland, Duitsland en Denemarken, maar in de toekomst wellicht ook andere landen). Dit heet het hub-and-spoke-model. De opgewekte energie wordt via kabels getransporteerd door middel van elektriciteit of omgezet in waterstof en als zodanig vervoerd via (gas)pijpleidingen.
De NSWPH kan een rol spelen bij de verdere ontwikkeling van wind op zee na 2030. Nederland onderzoekt de mogelijkheden om het concept samen met andere Noordzeelanden verder te verkennen en te werken aan de wettelijke randvoorwaarden die het mogelijk kunnen maken. Deze samenwerking vindt onder andere plaats in het kader van de North Sea Energy Cooperation.

‘Energieopslag’ staat voor het creëren van buffers die het eenvoudiger maken om de energievraag en het energieaanbod met elkaar in balans te brengen. De elektriciteit die de windparken produceren kan bijvoorbeeld worden opgeslagen in waterbekkens in de bergen. Dat gebeurt nu al via transport van elektriciteit door de NorNed-kabel naar Noorwegen. Daar gebruikt men de overtollige elektriciteit om water omhoog te pompen in waterbekkens. Wanneer de elektriciteitsvraag toeneemt maakt men er weer elektriciteit van in waterkrachtcentrales.
In de toekomst zijn er wellicht ook betaalbare grote batterijen voorhanden. Een andere manier van energieopslag is eerst de elektriciteit om te zetten naar een gasvormige energiedrager (zoals waterstofgas) en dan dit gas op te slaan. De opslag van gassen is namelijk relatief eenvoudig en goedkoop en kan plaatsvinden in lege gasvelden of zoutkoepels onder de grond of in opslagtanks. Bij de omzetting gaat echter wel energie verloren.

Doorverwijzingen

Nederlandse aanpak

Waarom is windenergie op zee nodig? Wat zijn de doelen en hoe zorgt de Rijksoverheid ervoor dat doelen worden gehaald?

Noordzee

Over hoe de Rijksoverheid de Noordzee beheert en hoe de ruimte op de Noordzee is verdeeld. Wat op de Noordzee kan en mag, en welke regels en voorwaarden daarvoor gelden.

Innovatie

Innovatie, ontwikkeling (internationale) samenwerking en opleidingen zijn belangrijk om de kosten van wind op zee omlaag te krijgen en biedt daarmee economische kansen.

Werk en scholing

De windsector biedt perspectieven voor mensen die willen werken in de wind. NWEA is de verbinder binnen de sector en koppelt relevante partijen aan elkaar binnen de sector.

Veel gestelde vragen

Op deze website vindt u veel informatie over Wind op zee. Vindt u niet wat u zoekt? Kijk dan bij de veelgestelde vragen of neem contact met ons op.